30 november 2011
Gemeenten maken een moeilijke, maar uitdagende periode door. Hoewel wij door het strakke financiële beleid van de afgelopen jaren een relatief goede uitgangspositie hebben opgebouwd, ontkomt ook Renkum niet aan ombuigingen in de komende jaren.
Ombuigingen
De ombuigingen van ongeveer 1,5 miljoen euro in 2015 waarover de Raad volgend jaar zal moeten besluiten, kunnen gevolgen hebben voor bepaalde voorzieningen in onze gemeente. Die ombuigingen moeten daarom niet alleen leiden tot realisatie van de noodzakelijke bezuinigingen, maar eveneens tot een daadwerkelijke vernieuwing van de gehanteerde arrangementen. Daarbij dient de inzet van gemeentelijke middelen een maximale bijdrage te leveren aan de realisatie van de beoogde maatschappelijke effecten.
Samenleving fundamenteel anders bedienen
Wij willen deze financieel moeilijke situatie aangrijpen om tot een hervorming te komen. Dat kan door fundamenteel anders te kijken naar de wijze waarop de samenleving wordt “bediend” als we het hebben over de beleidsterreinen met een belangrijke sociaal-maatschappelijke component. Door als gemeente kritisch te kijken naar onze rol in de samenleving en door zaken wezenlijk anders, gerichter en effectiever aan te pakken is het mogelijk met beduidend minder middelen de samenleving goed te blijven bedienen.
Uitgaven gemeente in lijn met het Rijk
De regering heeft besloten tot het weer in werking stellen van de normeringssystematiek in het gemeentefonds vanaf 2012. Dit betekent dat het gemeentefonds met ingang van 2012 weer gelijk “trap op, trap af” gaat met de rijksuitgaven. De bezuinigingen op de rijksbegroting 2012 tikken daarom door in het groeipercentage (het accres) van het gemeentefonds. Voor Renkum is de accresontwikkeling van het gemeentefonds (mei en september circulaires samen) voor 2012 licht negatief en voor de jaren vanaf 2013 licht positief.
Begroting stormvast
De maatregelen en activiteiten die opgenomen zijn in de Begroting leveren een bijdrage aan de realisatie van het coalitieaccoord 2010-2014 en resulteren in een stormvaste en sluitende begroting. Door besluitvorming over de ombuigingen door de Raad begin volgend jaar, zal er conform het coalitieaccoord weer een structureel sluitende begroting zijn vanaf 2014.
Tijdens de behandeling van de Najaarsnota 2011 en de Begroting 2012 in de Raad op 9 november j.l. bleek dat de prognose voor het rekeningresultaat 2011 een nadeel van EUR 159.000,- was. Dat is ondanks het feit dat het een hele verbetering is ten opzichte van de prognose uit de Voorjaarsnota (toen was een nadelig jaarrekeningresultaat voorzien van EUR 791.000,-) toch enigszins teleurstellend. In het College hebben we afgesproken deze laatste twee maanden nog duidelijk te sturen op een neutraal of licht positief rekeningresultaat.
Lagere lastendruk voor de burger
Door een lagere OZB-heffing en een lagere afvalstoffenheffing zal de lokale lastendruk per huishouden in 2012 in onze gemeente lager zijn dan vorig jaar. Daarmee legt de gemeente de noodzakelijke bezuinigingen niet op de schouders van haar burgers. Dit lijkt mij in tijden van dalende koopkracht een opsteker voor onze inwoners.
Al met al stelt de huidige tijd de gemeenten en dus ook Renkum voor grote uitdagingen. Maar onze uitgangspositie doet ons de toekomst met gepast vertrouwen tegemoet zien.
31 oktober 2011
Onlangs stelde de Gemeenteraad 4 gebiedsvisies vast voor de bedrijventerreinen
Het vaststellen van de gebiedsvisies is nodig om de richting te bepalen waarin de terreinen zich idealiter moeten ontwikkelen. Ze zijn echter geen blauwdruk. De gebiedsvisies geven richting aan de inzet die nodig is om tot daadwerkelijke herstructurering te komen. De uiteindelijke concrete invulling wordt in het bestemmingsplanprocedure formeel belegd. Met het vaststellen van de gebiedsvisies is het kader geschapen, waarbinnen de ruimtelijke ontwikkelingen verder concreet vorm en invulling krijgen.
Herstructurering bedrijventerreinen
De gebiedsvisies passen in het beleid van de provincie en de Stadsregio om tot herstructurering van bedrijventerreinen te komen. Voor Renkum is vooral belangrijk dat hiermee de bedrijventerreinen in aanmerking komen voor herstructurering op basis van co-financiering door de provincie. Mede aan de hand
van deze gebiedsvisies zullen Gedeputeerde Staten later besluiten nemen over (onze) subsidieaanvragen, om de bedrijventerreinen d.m.v. co-financiering te herstructureren. Het vaststellen van de vier gebiedsvisies is daarmee een stap in het proces om te komen tot een succesvolle subsidie-aanvraag.
De gebiedsvisies zijn overigens een detaillering van de grote lijnen die in de gemeentelijk Ruimtelijke Structuurvisie en in de Economische Visie al te herkennen zijn.
Vanaf het moment dat herstructurering van deze bedrijventerreinen aan de orde kwam – nu ruim twee jaar geleden - zijn wij in gesprek gegaan met de ondernemers op deze locaties. Over het algemeen kan worden gesproken over de aanwezigheid van voldoende draagvlak voor de voorgestelde ontwikkelingsrichting.
De gebieden
Met name de ondernemers op de Klingelbeekseweg zien in dat de uitstraling nu erg matig is. Ze zien in dat een hoogwaardiger invulling niet alleen de blijvende en nieuwe ondernemingen ten goede zal komen, maar ook de omgeving in haar geheel. Dat betekent dat ook een waardestijging van het onroerend goed in dat gebied en daarmee de intrinsieke waarde van de bedrijven zelf.
Op de Veentjesbrug zijn naast zakelijke ook enkele persoonlijke belangen in het spel. Er wordt n.l. ook (alleen) gewoond. Hier speelt minder dat bedrijven willen verplaatsen, wel is er ruimte aanwezig voor uitbreiding ten gunste van de functie “bedrijvigheid”.
De Schaapsdrift is een wat ouder bedrijventerrein, dat met name opvalt waar het gaat om het extensieve ruimtegebruik. Dat heeft met de aard van de bedrijvigheid te maken: logistiek, bouw- en aannememersbedrijven.
Een grootste gemene deler in de standpunten van de ondernemers op de Cardanuslaan is nog niet te vinden. Een deel van de ondernemers ziet mogelijkheden voor verbetering, in elk geval van de locatie als geheel. Er is nu ruimte onbenut. Andere bedrijven geven aan “goed te zitten”; zij hebben op dit moment minder behoefte aan verandering. Ook het economische getij speelt hierin mee.
Co-financiering ontwikkeling
Ten aanzien van de gemeentelijk co-financiering geldt dat daarvoor in begroting noch Meerjarenbeleidsplan middelen zijn gereserveerd. In het coalitie-akkoord is opgenomen dat op een bestemmingsreserve, inmiddels bekend onder de naam “goede tijden, slechte tijden fonds”, een beroep kan worden gedaan bij voorstellen die leiden tot stimulering van de (lokale) economie en werkgelegenheid.
De financiële bijdrage van de provincie is gemaximeerd tot € 500.000,- per locatie. Van de gemeente wordt dezelfde bijdrage verwacht. Gezien het feit dat in de genoemde reserve momenteel meer dan € 3.000.000,- zit zou dat moeten kunnen lukken. Daarbij moet wel worden aangetekende dat de reserve niet uitsluitend bedoeld is voor economische maatregelen, maar ook gebruikt zou kunnen worden om bepaalde bezuinigingsmaatregelen te verzachten.
Versterking economie Renkum
Hoewel het om veel geld zou kunnen gaan, is het natuurlijk wel belangrijk te beseffen dat we in deze economisch moeilijke tijden ook maatregelen moeten nemen die leiden tot een uiteindelijke versterking van de economie in Renkum. Het is zaak dat we sterker uit de recessie komen. De herstructurering van deze bedrijventerreinen kan daaraan een belangrijke bedrage leveren.
10 juni 2011
Op 25 mei j.l. stelde de Gemeenteraad de Jaarrekening 2010 vast. Hierin legt het College verantwoording af over het in 2010 gevoerde beleid en de financiële consequenties daarvan. De Jaarrekening 2010 sluit met een positief saldo van EUR 590.000,-. Dat is een hele verbetering t.o.v. de Najaarsnota 2010 waar nog met een nadelig resultaat van EUR 418.000,- rekening werd gehouden. Bij de Najaarsnota hadden wij overigens al aangegeven dat wij ons ten doel stelden om dat voorspelde negatieve saldo “weg te werken”. En dat is gelukkig gelukt.
Tegenvallers
Dat is een mooi resultaat, zeker als we rekening houden dat in 2010 een aantal grote, éénmalige, tegenvallers te incasseren waren:
Voordelen
Onderdeel van dat positieve saldo van EUR 590.000,- was een éénmalig voordeel van EUR 397.000,- op het participatiebudget van de Wet Werk en Bijstand. Om de gevolgen van de dalende Rijksbijdrage voor dit budget incidenteel op te kunnen vangen is het voordeel van EUR 397.000,- in een bestemmingsreserve Re-integratieactiviteiten gestort. Van het resterende voordeel van EUR 193.000,- zijn een tweetal overloopbudgetten betaald en is het uiteindelijke rekeningresultaat van EUR 35.000,- conform afspraak toegevoegd aan de reserve Bestrijding Gevolgen Vermindering Algemene Uitkering.
Op dit moment is het nog zeer de vraag of het huidige boekjaar 2011 weer met een positief rekeningresultaat zal kunnen worden afgesloten. De Voorjaarsnota die op 29 juni in de Gemeenteraad zal worden behandeld laat een tekort voor het jaar 2011 zien van EUR 791.000,-. Dit is een verslechtering van EUR 1.005.000,- ten opzichte van het overschot van EUR 214.000,- dat in de Begroting 2011 was opgenomen.
Domper 2011: meer uitkeringen
De belangrijkste oorzaak van dit tekort ligt in de groei van het aantal uitkeringsgerechtigden. Ondanks de ommekeer in de economische situatie in Nederland heeft dit nog niet zijn weerslag gevonden in het aantal uitkeringsgerechtigden. De Rijksbijdrage vangt maar een gedeelte van deze extra kosten op en dit levert voor Renkum een nadeel op van EUR 432.000,-.
Een tweede belangrijke oorzaak is de toename van de kosten van het leerlingenvervoer met EUR 84.000,- doordat meer ritten moeten worden gemaakt.
Tenslotte kunnen een aantal voorgenomen bezuinigingen voor een bedrag van EUR 213.000,- op het gebied van Sport, Kunst & Cultuur dit jaar nog niet worden gerealiseerd.
Alles op alles zetten
Dit is al met al een redelijk somber beeld en het College zal alles op alles gaan zetten om te voorkomen dat de Jaarrekening 2011 inderdaad met een tekort zal gaan sluiten. Dat zal pijnlijke keuzes kunnen betekenen, maar nu niet ingrijpen is wat mij betreft geen optie.
Nog niet verwerkt in de Voorjaarsnota, maar inmiddels wel bekende is de meicirculaire van het gemeentefonds. Als we de informatie uit deze circulaire verwerking voor de gemeente dan zien we dat er dit jaar (2011) geen consequenties zijn maar dat voor de volgende jaren de ontwikkeling positief is d.w.z. dat we meer uit het gemeentefonds krijgen dan waarop bij het opstellen van de Voorjaarsnota was gerekend.
Voorzichtigheid geboden
Overigens moeten we wel met enige voorzichtigheid omgaan met deze uitkomsten, omdat nog niet bekend is wat de gevolgen voor het gemeentefonds zijn van het besluit van het VNG congres om het Bestuursacoord tussen Rijk, Provincies, Gemeenten en Waterschappen niet volledig te accepteren. Minister Donner stelt zich op het standpunt dat daarmee het hele accoord van de baan is, inclusief de voor de gemeenten gunstige financiële consequenties voor de komende jaren.
Het blijven kortom onzekere financiële tijden voor de gemeente.
Erik Heinrich
8 mei 2011
De consequenties van het regeerakkoord voor de gemeenten zijn niet mis. U hoeft de krant maar open te slaan om daarover te lezen. De gevolgen van de daling van de Algemene Uitkering en een aantal doeluitkeringen voor de gemeente Renkum zijn fors. Er zal al met al stevig bezuinigd moeten worden de komende jaren.
De algemene uitkering die de gemeente Renkum van het rijk ontvangt zal tot 2015 met ca. 1,4 miljoen euro afnemen. Daarnaast zullen de kortingen op de WMO en op doeluitkeringen zoals bijvoorbeeld het Participatiebudget binnen het desbetreffende beleidsveld moeten worden opgelost. Het is immers niet redelijk dat waar de regering en de 2e kamer besluiten tot wijzigingen in de taken van gemeenten en daarom gemeenten korten op budgetten voor die taken, gemeenten dit weer uit eigen middelen zouden moeten gaan aanvullen.
Aanpak ombuigingen
Wij hebben de gemeenteraad in april een voorstel voor de aanpak van de ombuigingen gedaan. In het voorstel hebben we aangegeven welk proces we willen doorlopen om uiterlijk voor het begrotingsjaar 2014 een structureel sluitende begroting te kunnen vaststellen. We hebben de raad voorgesteld om de ombuigingen in verband met de afname van de algemene uitkering als volgt te realiseren:
Voorkeuren burgers
De gemeenteraad heeft met dit voorstel ingestemd. Het college zal in juni met voorstellen komen om bepaalde maatregelen uit categorie 3 en die uit categorie 4 in samenspraak met maatschappelijke organisaties, belangengroepen en individuele burgers te gaan uitwerken. Deze burgerparticipatie is door de raad vorig jaar in een motie vastgelegd. Door het gebruik van burgerparticipatie willen we een goed beeld krijgen van de voorkeuren van burgers ten aanzien van de mogelijke bezuinigingen c.q. gebruik maken van mogelijke oplossingen die door burgers dan wel belangengroepen worden aangedragen.
Het is de bedoeling dat de burgerparticipatie deze zomer en het najaar zal gaan plaatsvinden, zodat de raad in het voorjaar 2012 een definitief besluit kan nemen over die maatregelen uit de categorieën 3 en 4.
Het kan overigens zo zijn dat de voorgestelde bedragen nog moeten worden bijgesteld omdat deze zijn gebaseerd op een aantal aannames betreffende de financiële consequenties van het regeringsbeleid voor de gemeenten.
Toekomstig takenpakket
Ook ligt er nog geen akkoord tussen de regering en de gemeentes over het toekomstige takenpakket van de gemeenten op het terrein van werk, zorg en jeugd. Het bestuur van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft hierover weliswaar een onderhandelaarsakkoord gesloten met de regering, maar veel gemeenten hebben al aangegeven hier niet mee te kunnen instemmen.
Het zijn dus al met al in financiële zin lastige tijden voor de gemeente. Tegelijkertijd is het onze ambitie om naast het realiseren van deze ombuigingen tot een substantiële kwaliteitsslag te kunnen komen, waardoor de gemeente versterkt uit deze crisis zal komen.
Erik Heinrich
Op 30 maart stelde de Gemeenteraad de Economische Visie vast. Deze visie gaat onderdeel uitmaken van een serie documenten, waarvan de Strategische Visie de bovenliggende is. Na de ontvlechting van de in 2009 aangehouden (concept) structuurvisie “Renkum (ver)bindt” zijn twee nieuwe documenten ontstaan, te weten de Strategische Visie en de Ruimtelijk Structuurvisie. Met de al vastgestelde Sociale Visie vormen de nog vast te stellen Ruimtelijke Structuurvisie en de Economische Visie samen het kader waaraan economische- ruimtelijke plannen en initiatieven zullen worden getoetst.
In de Economische Visie is de economische ambitie die de gemeente nastreeft als volgt geformuleerd: Een robuuste economische ontwikkeling rekening houdend met de ruimtelijke kwaliteiten en de strategische ligging van de gemeente.
Robuust
De term ‘robuust’ duidt op toekomstbestendig. Een robuuste economische ontwikkeling is gebaseerd op de reeds bestaande economische kernkwaliteiten en is in harmonie met de ruimtelijke kwaliteiten. Een robuuste economische ontwikkeling is gericht op activiteiten die duurzaam toekomstperspectief hebben.
Het economisch beleid van de gemeente speelt een bescheiden, maar wel degelijk essentiële rol bij de ontwikkeling van de lokale economie. De gemeente heeft geen directe invloed op de ontwikkeling van de economie. De rol van de gemeente is vooral om de gewenste economische activiteiten te stimuleren en te faciliteren.
Koesteren, benutten en verbinden
Om te waarborgen dat de Economische Visie terug is te voeren op de ambitie, is deze ambitie vertaald in een leidraad. De kern van de leidraad is in de drie volgende woorden gevat: koesteren, benutten en verbinden.
Met de term “koesteren” wordt gerefereerd aan de wens om de bestaande economische kwaliteiten van de gemeente Renkum te behouden en te versterken. De term “benutten” heeft betrekking op het vergroten van de bijdrage van de economische kwaliteiten aan de ontwikkeling van de lokale economie. “Verbinden” is sterk gerelateerd aan het benutten. Door het verbinden van de kernkwaliteiten onderling en met de kwaliteiten elders in de regio ontstaan nieuwe kansen, maar kunnen ook bestaande economische kwaliteiten beter tot hun recht komen.
Wat zijn de voor de gemeente Renkum belangrijke economische thema’s? Dat zijn thema’s die voor de lokale economie essentieel zijn:
Bedrijfsruimte vormt een belangrijke bouwsteen van de lokale economie, zowel voor de industrie en de bouwnijverheid als voor de zakelijke dienstverlening. Dit gezien de schaarste aan ruimte en het belang van beschikbaarheid van bedrijfsruimte voor de gemeente als vestigings- en uitbreidingslocatie voor bedrijven.
Daarnaast zijn de zorgeconomie en toerisme en recreatie, economische sectoren die voor de gemeente van groot belang zijn. Deze beide sectoren vormen speerpunten voor de toekomstige economische ontwikkelingen, reden waarom beide thema’s uitgebreid in de visie worden behandeld.
Voor een prettige werk – en leefomgeving is de detailhandel van groot belang. De leefbaarheid van de dorpen wordt mede bepaald door de aanwezigheid van winkelvoorzieningen en hun kwaliteit.
Verschillende fracties maakten tijdens een eerdere bespreking van de Economische Visie in oktober opmerkingen over het ontbreken van de financiering b.v. voor de herstructurering van de bedrijventerreinen. Zoals bekend zijn een viertal bedrijventerreinen uit de gemeente: Veentjesbrug, Schaapsdrift, Norske Skog/Parenco en Klingelbeekseweg opgenomen in het provinciale programma voor revitalisering van de Gelderse bedrijventerreinen. In de begroting is voor de bedrijventerreinen nog niets opgenomen over financiering, ook niet wat betreft co-financiering om in aanmerking te komen voor deze provinciale subsidies. Het is de ambitie van het college om dit jaar te komen met uitvoeringsprogramma’s voor de bedrijfsterreinen.
Investeren
In het coalitieakkoord staat een aantal punten waarvoor de bestemmingsreserve “Slechte Tijden” kan worden aangewend en één van die punten is het treffen van éénmalige maatregelen die als doel hebben de lokale economie en werkgelegenheid te stimuleren (bijvoorbeeld herstructurering van bedrijfsterreinen). Daaruit zou dus in principe de co-financiering gedekt kunnen worden. Overigens zal de gemeente ook moeten bevorderen dat andere partijen hierin gaan investeren.
Investeren betekent overigens niet altijd gemeentelijk geld investeren, maar kan ook heel goed betrekking hebben op bijvoorbeeld ruimte maken om ondernemers te ondersteunen: menskracht uit onze gemeente beschikbaar stellen. Een winkelmanager b.v. zou moeten worden bekostigd en gedragen worden door de winkeliersverenigingen zelf. In dit kader is het belangrijk te weten dat er een landelijke experimentenwet Bedrijven Investeringszones BIZ is, waarbij het mogelijk wordt om op initiatief van de ondernemers met hulp van de gemeente via heffingen geld in te zamelen voor een ondernemersfonds voor extra activiteiten in winkelgebieden.
... en dan nu van start!
Na deze vaststelling van de Economische Visie en later dit jaar de Ruimtelijke Structuurvisie zullen uitvoeringsprogramma’s moeten worden opgesteld. In de uitvoeringsprogramma’s zal moeten worden aangegeven op welke wijze de gemeente de in de Economische Visie voorgenomen ontwikkelingen wil realiseren, wat de gemeentelijke rol zal zijn en met wie, wanneer en op welke wijze uitvoering zal worden gegeven aan de economische ambities.
Kortom, de Economische Visie is vastgesteld, maar nu begint het echte werken pas.
Erik Heinrich
Renkum is een echte kunst- en cultuurgemeente. Dat zijn we eigenlijk al sinds de schilders van de Oosterbeekse School zich hier vestigden. Maar dit schept ook verplichtingen.
In de in januari 2006 door de gemeenteraad vastgestelde Cultuurvisie 2005-2015 worden drie speerpunten van het kunst- en cultuurbeleid geformuleerd:
In de in december j.l. vastgestelde Structuurvisie is de rijke cultuurgeschiedenis in de gemeente één van de vier kwaliteitsdragers. Dit sluit natuurlijk prachtig aan op de speerpunten van de Cultuurvisie. Maar een visie formuleren is één ding, het gaat er natuurlijk om hoe in de praktijk een dergelijke visie wordt vertaald naar concrete maatregelen.
Laat ik er hier een paar noemen. Allereerst de Concertzaal. U kent natuurlijk allemaal de geschiedenis. In 1869 wordt de Concertzaal door de gefortuneerde Kneppelhout gebouwd als concertzaal voor Jan de Graan die enige jaren later overlijdt en er nimmer gespeeld heeft. De weduwe van Kneppelhout schenkt het gebouw in 1886 aan de gemeente. Het is al vele jaren in gebruik als oefen- en concertruimte voor vele verenigingen uit onze gemeente als het in 1980 tot gemeentelijk monument wordt verklaard.
In de jaren er na raakt het gebouw sleets door het intensieve gebruik en ontstaat er achterstallig onderhoud. Door het plotseling wegvallen van de toenmalige beheerder dreigt in 2006 een gat te ontstaan dat wordt opgevuld door de heer Van Hooydonk die de Concertzaal gaat exploiteren. Dan ook wordt duidelijk dat het gebouw in de staat van onderhoud waarin het verkeerd niet goed te exploiteren valt en dat renovatie noodzakelijk is.
In 2008 stemt de gemeenteraad in met het in de oude luister herstellen van de Concertzaal en stelt hiervoor budget beschikbaar. In december j.l. is de eerste fase van de renovatie afgerond: het dak is gerenoveerd, de electrische installatie is vervangen, de buitenkant is geïsoleerd en het toneel is aangepast aan eisen van deze tijd. De tweede fase van het in oude luister herstellen behelsen aanpassingen van het gebouw, herinrichting van het parkeerterrein en het buitenterrein. In het voorjaar zal ik met een Raadsvoorstel komen waarin een programma van eisen hiervoor wordt geformuleerd.
Een andere concrete maatregel om de visie op kunst en cultuur handen en voeten te geven is het onderzoek naar de mogelijkheid om in de gemeente een Centrum voor Kunst & Cultuur te gaan opzetten. Hierbij is het uitgangspunt het document “Het Landschap en de Muze” opgesteld door de heer Max Meier van Buro TiMe en gebaseerd op een in februari 2010 gehouden brainstormbijeenkomst met alle verenigingen en instellingen op het gebied van kunst en cultuur in de gemeente alsmede met vele individuele kunstenaars.
Eind vorig jaar hebben alle betrokken partijen aangegeven dit document te onderschrijven en mee willen in een vervolgtraject om te komen tot een bedrijfsplan voor een Centrum voor Kunst en Cultuur. Het is de bedoeling dat in het Centrum het culturele erfgoed (met name de schilderijen van de Oosterbeekse School en Pictura Veluvensis) verbonden wordt met de hedendaagse beeldende kunsten. Het bedrijfsplan moet duidelijk maken welke instellingen en kunstenaars de kernpartners zijn die het Centrum gaan vormen, welke activiteiten er georganiseerd zullen gaan worden, wat de meeste geschikte locatie is en hoe het Centrum geëxploiteerd gaat worden zonder een structurele financiële ondersteuning door de gemeente.
Zowel het in oude luister herstellen van de Concertzaal als het opzetten van een Centrum voor Kunst en Cultuur zijn voor een gemeente als Renkum stevige ambities. Zeker als U bedenkt dat dit gerealiseerd moet worden in een tijd waarin door alle overheden flink bezuinigd moet worden en waarin ook het bedrijfsleven niet staat te springen om geld in dergelijke projecten te steken.
Toch zijn het geen luchtspiegelingen die we najagen. Beide projecten zijn naar mijn vaste overtuiging haalbaar en ik ga er van uit dat nog in deze Collegeperiode beide projecten daadwerkelijk in de uitvoeringsfase terecht zullen komen. Als ik een beetje droom zie ik mijzelf al staan bij een plechtige opening met een schaar in de hand.
Erik Heinrich
1 februari
Deze keer iets over een relatief nieuw onderdeel van mijn portefeuille namelijk duurzaamheid. Op 19 januari j.l. organiseerden we in het gemeentehuis een Ronde Tafel bijeenkomst over duurzaamheid. Deze bijeenkomst was georganiseerd om de inwoners de gelegenheid te bieden aan de hand van een aantal stellingen suggesties te geven hoe we in Renkum op een praktische manier duurzaamheid handen en voeten zouden kunnen gaan geven.
Deze bijeenkomst was overigens niet de eerste in zijn soort. In 2009 zijn al een aantal bijeenkomsten gehouden over duurzaamheid. Wat hebben die opgeleverd?
Een door de Gemeenteraad in januari 2010 vastgestelde Kadernota Duurzaam Renkum met daarin het kader dat we in Renkum in eerste instantie inzetten op duurzaam inkopen, duurzame energie en duurzaam bouwen.
Jarenlange inzet voor duurzaamheid
Maar duurzaamheid is voor de gemeente niets iets waar we pas sinds kort mee bezig zijn. Welke maatregelen namen we bijvoorbeeld reeds? Laat ik er een paar noemen:
afkoppeling hemelwater gebeurt al jaren
aanpak openbare verlichting: LED-verlichting en energiezuinige armaturen toepassen daar waar die aan vervanging toe is
energiebesparingsmaatregelen toepassen bij onderhoud gemeentelijk vastgoed
warmte-koude opslag gemeentehuis toegepast
we geven subsidie voor particuliere woningverbetering (woningrenovatie bv om langer in eigen huis te blijven wonen want levensloopbestendigheid is ook duurzaamheid) en Duurzaamheidslening (max EUR 15.000 goedkoop lenen voor duurzame investeringen woning)
DuBo Stadsregio: duurzaamheidsmaatregelen die verplicht bij nieuwbouw moeten worden toegepast
bij gemeentelijke investeringen altijd de duurzame variant toepassen indien terugverdientijd niet langer dan 5 jaar is
bij ieder College en Raadsvoorstel moeten de effecten op duurzaamheid worden aangegeven
Renkum is Millenniumgemeente sinds eind september hetgeen betekent dat we de 8 millenniumdoelstellingen van de VN onderschrijven: voor lokale overheden betekent dat vooral duurzaam milieu en eerlijke handel (Fair Trade)
Wat gaan we dit jaar EXTRA doen (naast doorgaan met de vorige punten):
deelname provinciale regeling energiebesparingen woningen bewoond door eigenaar: we kunnen daarvoor voor 133 woningen een bedrag van EUR 500,- toekennen indien U voor EUR 1.500,- investeert in energiebesparende maatregelen muren, dak of vloer woning
we gaan beleid ontwikkelen hoe we in Renkum ieder jaar 1% minder CO2 gaan uitstoten
we gaan een overzicht maken van regionale/provinciale/landelijke duurzaamheidsinitiatieven waarvan U gebruik kunt maken
Duurzaamheid: ambitie of religie?
Op het gebied van duurzaamheid valt mij overigens wel op dat veel mensen duurzaamheid in zeer ambitieuze doelstellingen formuleren. Soms gebruikt men welhaast religieuze bewoordingen. Daarbij is weinig ruimte voor twijfel. Terwijl er soms wel aanleiding is om een aantal kanttekeningen en vraagtekens te plaatsen.
Voor veel bijvoorbeeld mensen die zeggen zeer veel waarde aan duurzaamheid te hechten zijn kerncentrales onbespreekbaar (terwijl deze toch geen CO2-uitstoten), maar is het meerdere keren per jaar naar de zon vliegen normaal.
Het gebruik van biomassa als brandstof is een hot item. Allerlei bedrijven en energiecentrales willen biomassa als energiebron gebruiken. Is er echter wel genoeg biomassa beschikbaar in Nederland? Ik hoorde ooit iemand zeggen dat Rotterdam is zeer geschikt voor de aanvoer van biomassa naar Europa.
Zijn we dan wel op de goede weg?
Windmolens kennen veel voorstanders. Vaak wordt hierbij uit het oog verloren dat bij inzet van windenergie er nog steeds een benodigde back-up aan conventionele centrales noodzakelijk is voor de momenten dat er onvoldoende winenergie geleverd kan worden. Windenergie is m.i. een geval van te veel focus op het middel in plaats van het doel. Vraag ook maar eens in Urk hoe blij ze zijn met het “ijzeren gordijn” aan windmolens dat daar gebouwd gaat worden.
Duurzame inkoop door de overheid kost volgens de Voorzitter van Actal, Steven van Eijck, EUR 300 tot 500 miljoen extra per jaar aan administratieve lasten doordat de overheid aan leveranciers in detail voorschrijft welke technieken en materialen moeten worden gebruikt. Hierdoor is het voor die het ondernemers vaak onmogelijk duurzamere alternatieven aan te bieden.
Ook hier de vraag zijn we dan wel op de goede weg?
Pragmatische duurzaamheid naar Renkumse maat
Laten we vooral de Renkumse maat hanteren: geen grandioze ambities, maar praktische maatregelen die leiden tot minder CO2-uitstoot EN die de lokale economie niet verslechteren ( energiebesparende maatregelen bij woningen en gebouwen leveren lokale werkgelegenheid op en leiden tot lagere lasten voor burgers en bedrijven).
Los van alle andere overwegingen maken alleen al het feit dat de fossiele brandstoffen vroeg of laat op zullen zijn een energiebeleid en een duurzaamheidsbeleid noodzakelijk. En vergeet niet dat energiebesparingen gewoon geld opleveren.
Dus duurzaamheid dat gaan we gewoon doen.
Erik Heinrich
1 december
Op 10 november behandelde de gemeenteraad de Najaarsnota 2010 en de Begroting 2011. De Najaarsnota liet een verwacht tekort dit jaar zien van EUR 383.000,- en de Begroting 2011 een positief saldo van EUR 330.000,-.
Inmiddels laat zich aanzien dat het tekort voor dit jaar nog aanzienlijk kan worden teruggebracht en waarschijnlijk zullen we dit jaar ongeveer op nul eindigen. Dat is een aanzienlijke prestatie omdat we dit jaar als gevolg van het feit dat er twee wethouders uit het vorige College niet zijn teruggekeerd éénmalig bijna EUR 800.000,- hebben moeten storten in een voorziening vanwege wachtgeld en pensioenpremie.
Overschot
De vastgestelde Begroting 2011 heeft een overschot van EUR 330.000,- en daarbij gaan de gemeentelijke belastingen maar zeer beperkt stijgen. Het inflatiepercentage waarmee de meeste belastingen worden verhoogd is slechts 1,8%.
Lagere OZB aanslag
Bij de OZB is de systematiek zodanig aangepast dat niet de totale opbrengsten met 1,8% zullen stijgen, maar slechts de tarieven met dat percentage zullen stijgen. Bij een gemiddelde waardedaling van de woningen van ca. 3,7% betekent dit voor de meeste mensen dit jaar een lagere OZB-aanslag. Voor de gemeente betekent die waardedaling van de woningen overigens minder inkomsten ter hoogte van ca. EUR 260.000,-, waardoor het overschot 2011 nog zal dalen naar EUR 215.000,- (de waardedaling van de woningen was al voor een bedrag van EUR 146.000,- in de begroting verwerkt).
Rioolheffing
De tarieven voor de Rioolheffing zullen in 2011 een gedifferentieerd beeld laten zien. Omdat uit de Monitor lokale lasten van de Kamer van Koophandel is gebleken dat de rioolheffing in Renkum voor bedrijven tot de duurste van Nederland behoort, zullen we de rioolheffing voor niet-woningen de komende jaren gaan bevriezen. Hierdoor zullen de tarieven voor niet-woningen langzamerhand steeds dichter bij het gemiddelde in Nederland komen te liggen.
De toekomst
In december zal er door het Ministerie van Binnenlandse Zaken een extra circulaire worden uitgebracht waarin de effecten van het regeeraccoord op de Algemene Uitkering zullen worden gepresenteerd. Pas dan weten we precies waar we de komende jaren (2012 en verder) aan toe zijn en kunnen we de gevolgen voor de Meerjarenbegroting in Renkum in kaart gaan brengen. We zullen begin 2011 met voorstellen kunnen komen hoe we de begrotingen vanaf 2012 sluitend kunnen maken en welke bezuinigingen en taakstellingen daarvoor eventueel noodzakelijk zullen zijn.
Structureel sluitende begroting
De Raad heeft tijdens de behandeling van de Begroting per motie het College opgedragen voor 1 april te komen met voorstellen aan de Raad en alternatieven om te komen tot structureel sluitende begrotingen zoals vastgelegd in het door de Raad goedgekeurde coalitieaccoord. Als het Ministerie inderdaad in december per circulaire de gemeentes informeert kunnen wij op basis van de reeds in maart van dit jaar aan de Raad gestuurde notitie “Ombuigingssenario’s” met voorstellen voor ombuigingen komen.
Daarmee kan dan ook invulling worden gegeven aan de op 29 september tijdens de behandeling van het Meerjarenbeleidsplan door de Raad aangenomen motie over burgerparticipatie waarmee de inwoners actief betrokken c.q. geraadpleegd kunnen worden bij de omvang en prioritering van de bezuinigingen.
Ik wens U prettige kerstdagen, een plezierige jaarwisseling en een mooi 2011 toe.
Erik Heinrich
7 november
Op 13 oktober behandelde de Commissie Bedrijvigheid de Economische Visie. Deze visie is onderdeel van de Strategische Visie die in december in de Raad zal worden besproken. Zoals ook de Ruimtelijke Structuurvisie die volgend jaar aan de Raad zal worden aangeboden onderdeel is van de Strategische Visie.
Economische Visie
De economische ambitie die de gemeente nastreeft is in de Economische Visie als volgt geformuleerd: Een robuuste economische ontwikkeling rekening houdend met de ruimtelijke kwaliteiten en de strategische ligging van de gemeente.
De term ‘robuust’ duidt op toekomstbestendigheid. Een robuuste economische ontwikkeling is gebaseerd op de reeds bestaande economische kernkwaliteiten en is in harmonie met de ruimtelijke kwaliteiten. Een robuuste economische ontwikkeling is gericht op activiteiten die toekomstperspectief hebben.
Het economisch beleid van de gemeente speelt een bescheiden, maar wel degelijk essentiële rol bij de ontwikkeling van de lokale economie. De gemeente heeft geen directe invloed op de ontwikkeling van de economie. Wél kan zij gewenste economische activiteiten stimuleren en faciliteren.
Lokale Economie
De Economische Visie geeft de richting aan waar de gemeente de komende jaren heen wil met de lokale economie. We gaan daarbij nader in op een aantal voor de gemeente Renkum belangrijke economische thema’s. Thema’s die voor de lokale economie essentieel zijn. Dat zijn bedrijfsruimte, zorgeconomie, toerisme en recreatie en detailhandel.
Bedrijfsruimte vormt een belangrijke bouwsteen van de lokale economie, zowel voor de industrie en de bouwnijverheid als voor de zakelijke dienstverlening. Dit gezien de schaarste aan ruimte en het belang van beschikbaarheid van bedrijfsruimte voor de gemeente als vestigings- en uitbreidingslocatie voor bedrijven.
Zorgeconomie en Toerisme&Recreatie
Daarnaast zijn de zorgeconomie en toerisme en recreatie, economische sectoren van groot belang voor de gemeente. Deze beide sectoren vormen speerpunten voor de toekomstige economische ontwikkelingen, reden waarom aan beiden thema’s uitgebreid in de visie worden behandeld.
Voor een prettige werk – en leefomgeving is de detailhandel van groot belang. De leefbaarheid van de dorpen wordt immers mede bepaald door de aanwezigheid van winkelvoorzieningen en de kwaliteit ervan.
Behandeling in de Commissie Bedrijvigheid
Bij de behandeling van de Economische Visie in de Commissie Bedrijvigheid was er instemming met de opzet van de visie, maar tegelijkertijd noemden veel fracties punten die zij nog graag in de Visie zagen opgenomen. Het waren over het algemeen nogal concrete actiepunten die eigenlijk niet in de Economische Visie thuishoren (dat is immers een document waarin een lange termijn visie wordt vastgelegd), maar in de nog op te stellen Uitvoeringsprogramma’s. Dat was ook de kern van mijn betoog in reactie op de inbreng door de commissieleden.
Een ander thema tijdens deze behandeling was de vraag in hoeverre het Renkumse bedrijfsleven betrokken was bij de opstelling van de Economische Visie. Veel fracties wilden het bedrijfsleven horen over de visie. Ik bracht daar tegen in dat het bedrijfsleven en overigens alle inwoners van Renkum, de afgelopen jaren alle gelegenheid hebben gehad om hun opvattingen kenbaar te maken tijdens de inspraak en discussieavonden over de structuurvisie. De Economische Visie is gebaseerd op de informatie en standpunten die door burgers en bedrijven tijdens die avonden en ook tijdens de reguliere contacten met het bedrijfsleven naar voren zijn gebracht. Er was en is mijns inziens geen noodzaak om over de Economische Visie weer hoorzittingen te gaan houden. De commisie besliste evenwel anders en nu is het aan de Raad om het bedrijfsleven te gaan horen.
Dit leidt evenwel (weer) tot uitstel van de vaststelling van de visie hetgeen betekent dat de Uitvoeringsprogramma’s pas in 2012 aan de Raad zullen kunnen worden voorgelegd. Dit kan pas zo laat omdat eerste de Ruimtelijke Structuurvisie volgend jaar moet worden vastgesteld door de Raad voordat met het opstellen van de Uitvoeringsprogramma’s kan worden begonnen. Overigens ook een traject waar het College de burgers bij wil betrekken. Al met al is het dan 2012.
Pleit voor uitzonderingen
Hierbij wil ik bepleiten dat we een uitzondering maken voor de Uitvoeringsprogramma’s die betrekking hebben op een aantal bedrijventerreinen in de gemeente: Parenco, Veentjesbrug en Klingelbeekse weg (en eventueel Schaapsdrift). De reden hiervoor is dat wij in aanmerking komen voor in totaal EUR 2 mio co-financiering vanuit de provincie voor de herinrichting van deze bedrijventerreinen. Dit geld kan alleen worden binnengehaald als de gemeente eenzelfde bedrag ter beschikking stelt en als de volledig uitgewerkte en doorgerekende plannen (inclusief financiering) uiterlijk 1 november 2011 bij de provincie zijn ingediend.
Er is dus werk aan de winkel indachtig de titel van het Coalitieaccoord “Een slim beleid is op de toekomst voorbereid”.
Erik Heinrich
4 oktober
In de eerste Gemeenteraadsvergadering na het reces heeft de Raad het Meerjarenbeleidsplan vastgesteld. Dit Meerjarenbeleidsplan is het beleidskader voor de komende Raadsperiode waarin alle beleidsvoornemens voor de komende periode zijn vastgelegd. Dit zijn niet alleen de voornemens uit het coalitieaccoord, maar ook het continueren van het reguliere beleid en de maatregelen die we moeten nemen als gevolg van externe ontwikkelingen die op ons af komen.
Programma's meerjarenplan
Per programma is de visie d.w.z. het maatschappelijk effect dat binnen dat programma wordt nagestreefd, opgenomen en ook de doelstellingen die we willen bereiken. Daarnaast zijn de effectindicatoren d.w.z. hoe gemeten wordt dat de doelstellingen zijn bereikt, opgenomen en ook de activiteiten die gedaan gaan worden om die doelstellingen te bereiken. Uiteraard zijn ook de kosten voor de realisatie van het betreffende programma opgenomen.
Overschotten en coalitieakkoord
Uitgangspunt van het coalitieaccoord is dat overschotten in de meerjarenbegroting ten gunste van de “reserve bestrijding gevolgen vermindering algemene uitkering” worden gebracht. Dit betekent dat er geen extra financiële middelen beschikbaar zijn om de voornemens uit het coalitieaccoord te realiseren. Eventuele extra uitgaven moeten betaald worden uit de bestaande budgetten en als dat niet kan moet er eerst bezuinigd worden voordat die extra uitgaven gedaan kunnen worden. Er is slechts een uitzondering gemaakt voor drie punten uit het coalitieaccoord voor een totaalbedrag van EUR 80.000,-.
Motie burgerparticipatiecommissie
Er ontstond discussie over een motie van D66 en Groen Links die uit de Raad een burgerparticipatiecommissie (BPC) wilde formeren en deze BPC een burgerparticipatieproces gericht op de bezuinigingsoperaties en prioritering uiterlijk begin 2011 wilde laten starten. Ik heb daar tegen in gebracht dat wij in Renkum de eerste nadrukkelijke bezuinigingen pas zullen voelen in 2013. Dat is een heel wat prettiger situatie voor onze gemeente dan waar andere gemeenten in zitten. Vanwege het consistent gevoerde financiële beleid in Renkum hoeven wij nu nog niet alle zeilen bij te zetten. We moeten niet zonder de bedragen te kennen die Den Haag op de gemeentes wil bezuinigen en zonder dat het bezuinigingstempo bekend is, nu al wilde bezuinigingsplannen bedenken.
Motie start bezuinigingsopdracht
Daarnaast dienden de coalitiefracties een motie waarin de Raad vraagt het College direct van start te gaan met de uitvoering van de bezuinigingsopdracht om tot voorstellen en alternatieve te komen zodra de omvang hiervan vanuit het Rijk bekend is en dat een commissoriale vergadering, voordat tot besluitvorming gekomen wordt, de burgers van onze gemeente in staat zal stellen een oordeel te vormen en zo mogelijk alternatieven in te dienen, waarna de raad kan komen tot definitieve besluitvorming
And the winner is....
Ik heb namens het College de motie van D66 en Groen Links overbodig genoemd en de motie van de coalitiefracties een steuntje in de rug. De eerste werd verworpen en de tweede door de Raad aanvaard.
Verschillende fracties hebben in het debat over het Meerjarenbeleidsplan ook bepaalde suggesties gedaan om het beleid hier en daar aan te passen. Het College zal bezien in hoeverre deze wensen in de Begroting 2011 kunnen worden gehonoreerd.
Erik Heinrich
12 juli
Vorige week is de laatste Raadsvergadering voor het zomerrecces geweest met daarin de behandeling van de Jaarrekening 2009 en de Voorjaarsnota 2010. Beide stukken zijn zonder amendering door de Raad aangenomen. Maar voordat het zover was werd er nog flink gedebatteerd.
Het agendapunt Jaarrekening 2009 begon met de gebruikelijke toelichting van de voorzitter van de Rekeningcommissie over het door de commissie uitgebrachte verslag van het onderzoek naar de jaarrekening. Tijdens zijn verhaal werd ik ineens direct en persoonlijk door hem toegesproken en kreeg tot mijn grote verbazing een "Zilveren Kaasschaaf" uitgereikt als blijk van waardering voor mijn werkzaamheden als wethouder Financiën. U begrijpt dat ik die met gepaste trots en met rode oortjes in ontvangst heb genomen.
Positief financieel resultaat over 2009
Het financiële resultaat van het jaar 2009 bedraagt voor de gemeente bijna EUR 4 miljoen, waar na aftrek van storing in een aantal bestemmingsreserves en een aantal overloopposten uiteindelijk bijna EUR 3,4 miljoen als rekeningresultaat overblijft. Dit bedrag wordt gestort in het Egalisatiefonds bestrijding gevolgen vermindering algemene uitkering. Dit fonds dient als een "reserve slechte tijden" en is bedoeld om de pijn voor de gemeente van de vermindering van de Algemene Uitkering van het Rijk, te verzachten. Dit fonds zal ook gevoed worden met de te verwachten rekeningoverschotten in de jaren 2010 tot en met 2013. Vanaf 2014 zal dan de begroting structureel sluitend moeten zijn.
De Voorjaarsnota 2010 geeft de voortgang aan over het lopende begrotingsjaar en een prognose van de uitkomsten van het jaar 2010. Wij worden dit jaar met een aantal belangrijke zaken geconfronteerd.
Kostenpost: wachtgeld vertrokken wethouders
Allereerst is daar het wachtgeld waar de beide vertrokken wethouders (Peek en Van Uitert) recht op hebben. Dit bedrag (EUR 583.000,-) wordt dit jaar in een voorziening gestort en in één keer ten laste van het rekeningresultaat 2010 gebracht. Daarnaast heeft het Rijk besloten om vanaf 2011 het verdeelmodel WMO aan te passen en op de WMO te bezuinigen, waardoor Renkum vanaf volgend jaar fors minder geld voor de WMO krijgt, oplopend tot EUR 910.000,- per jaar structureel minder. Om deze neerwaartse bijstelling van het WMO-budget op te vangen, zullen wij het WMO-budget in Renkum moeten verlagen met dezelfde bedragen als waarvoor het Rijk ons kort.
Negatief saldo en bezuinigingen
Na verwerking van deze beide zaken in de Voorjaarsnota bedraagt het saldo voor 2010 EUR 335.000,- negatief en voor 2011 en 2012 respectievelijk EUR 447.000,- en EUR 306.000,- positief. Daarnaast gaan wij er van uit dat we met ingang van 2012 jaarlijks een extra bedrag van EUR 500.000,- zullen moeten bezuinigen, omdat we door het Rijk niet gecompenseerd zullen worden voor loon- en prijsstijgingen. Dat zal overigens pas vanaf 2013 tot daadwerkelijke aanvullende bezuinigingsmaatregelen leiden, omdat we de EUR 0,5 miljoen voor 2012 nog binnen de begroting kunnen opvangen.
Met deze maatregelen hebben we in Renkum een fors voorschot genomen op de te verwachte kortingen op de algemene uitkering door het nieuwe kabinet. Dit geeft ons de gelegenheid om te wachten op de septembercirculaire of de meicirculaire volgend jaar, waarin de gevolgen voor de gemeentes van het financiële beleid van de nieuwe regering duidelijk zal worden.
Goed voorbereid
Hoewel ons onzekere tijden te wachten staan, zijn we in Renkum, dankzij het in de afgelopen jaren gevoerde financiële beleid, beter dan menige gemeente in Nederland, goed voorbereid op de toekomst. Dit indachtig de titel van het coalitieaccoord "Een slim beleid is op de toekomst voorbereid".
Ik wens U een mooie vakantie toe.
Erik Heinrich
13 juni
U kunt het dagelijks in de krant lezen: de economie zit in moeilijk vaarwater en voor zover er van herstel sprake is, heeft het een broos karakter. Dat geldt niet alleen voor de Europese of Nederlandse economie, maar uiteraard ook voor het Renkumse bedrijfsleven. Eén bedrijf uit onze gemeente met name heeft het moeilijk en dat is Norske Skog Parenco.
Het bedrijf heeft te maken met stijgende kosten van grondstoffen en van energie en een krimp op de afzetmarkt van krantenpapier. Dit heeft geleid tot het stilleggen van één van de twee krantenpapiermachines en het ontslag van een deel van het personeel. Daarom heeft de directie er voor gekozen om op ander papier over te schakelen, waarvoor wel een markt is en waar betere marges te halen zijn. Daarnaast wordt ingezet op een duurzamere energievoorziening, waardoor op de kosten kan worden bespaard.
De door Norske Skog voorgestelde maatregelen vragen daar waar het gaat om planologische aanpassingen op het terrein van Norske Skog, de medewerking van de gemeente. Voor wijzigingen van de milieuvergunning is de provincie bevoegd gezag. De gemeente heeft al in december haar bereidheid uitgesproken om in principe medewerking te verlenen aan de planologische inpassing van de voorgestelde maatregelen. Met het uitspreken van de intentie voor medewerking conformeert de gemeente zich (onder voorbehoud van instemming door de gemeenteraad) aan het tot stand komen van de voorgestelde ontwikkeling.
Ik denk overigens wel dat de gemeente zich ook moet beraden over de meest gewenste lange termijn ontwikkeling van het industrieterrein. Mochten zich op de langere termijn ontwikkelingen voordoen die leiden tot een nog verdere vermindering van de activiteiten van Norske Skog op dit terrein, dan denk ik dat de gemeente zich niet alleen zou moeten richten op het aantrekken van industriële bedrijven, maar daarnaast ook zou moeten kijken in hoeverre er nieuwe kansen ontstaan voor andere economische activiteiten in de sfeer van dienstverlening en/of toerisme.
Maar we moeten nu ons vooral concentreren op het ondersteunen van Norske Skog. Een bedrijf met een historische relatie met de gemeente en het dorp Renkum in het bijzonder. Er werken veel lokale medewerkers en hun werkgelegenheid staat op dit moment voorop. Wij kiezen dan ook voor het behoud van Norske Skog.
Op een onlangs door Norske Skog en de gemeente georganiseerde informatieavond over de toekomst van Parenco, kreeg ik het aan de stok met enige aanwezigen die ervoor pleitten om de situatie bij Parenco te benutten om het terrein "terug te geven aan de natuur". Net zoals bij het industrieterrein Beukenlaan is gebeurd. Ik heb daarop o.m. gezegd dat ik daar nu niets in zag en dat die teruggave van de Beukenlaan "klauwen met geld had gekost" en dat de gemeente niet vele miljoenen in haar achterzak had om Parenco uit te kopen. Nog los van het feit dat ik dat een onwenselijke ontwikkeling vind vanwege de afbraak van de werkgelegenheid bij Parenco en vele Renkumse toeleveranciers. Deze stellingname kwam mij overigens nog op kritische vragen van GroenLinks te staan in de Gemeenteraad.
Het feit dat wij nu kiezen voor het ondersteunen van Norske Skog Parenco en voor het blijvende gebruik van het vrijkomende delen van het terrein voor bedrijvigheid, betekent natuurlijk nog niet dat we daar maar alles zullen toestaan. Het zal m.i. vooral moeten gaan om activiteiten die passen bij en aansluitend zijn op die van Parenco en de bestaande infrastructuur op het terrein. Dus geen verzamelplaats van allerlei overlast veroorzakende bedrijven van elders.
In september zal de Gemeenteraad de Economische Structuurvisie behandelen. Daarin zal een duidelijke toekomstvisie voor het Industrieterrein Parenco worden opgenomen. Op basis daarvan kan een gebiedsvisie worden opgesteld met een daaraan gekoppeld uitvoeringsprogramma die de leidraad zal zijn voor de lange termijn ontwikkeling van de bedrijvigheid in dit gebied. Hopelijk zal dat zijn met een gezond Parenco.
Erik Heinrich
2 mei 2010
Het motto van het nieuwe Coalitieaccoord "Een slim beleid is op de toekomst voorbereid" belooft veel goeds voor de toekomst. In financiële termen is het uitgangspunt voor de komende vier jaar goed te noemen, ondanks een ongewisse toekomst. Daarbij zijn de keuzes en ambities zoals in het Coalitieaccoord geformuleerd zodanig dat er inderdaad sprake is van een slim beleid. De vlag dekt de lading in dit geval dus uitstekend.
In één van de eerste hoofdstukken uit het Coalitieaccoord worden de financiële kaders gegeven. Die kaders moeten het mogelijk maken dat we gedurende deze coalitieperiode en ook in de periode daarna een structureel sluitende meerjarenbegroting zullen hebben. Dat zal niet alleen door bezuinigen moeten gebeuren, maar ook door een formatiereductie op de gemeentelijke organisatie, door een beperking van de externe inhuur, door slimmer in te gaan kopen, door afschrijvingslasten van investeringen te gaan beperken en door de prijs/kwaliteitsverhouding van gemeentelijke voorzieningen te verbeteren. Daarnaast zullen de rekeningoverschotten de komende jaren aangewend worden voor de vorming van een reserve "slechte tijden" die gebruikt kan worden om de gevolgen van de daling van de Algemene Uitkering van de rijksoverheid, op te vangen.
De lokale lasten zullen niet meer mogen stijgen dan maximaal met het inflatiepercentage. Dit zal er toe moeten leiden dat de gemeente langzamerhand uit de top 5 van de gemeenten met de hoogste lokale lastendruk verdwijnt. Met andere woorden de coalitie wil niet dat de rekening van de bezuinigingen via een verhoging van de lokale belastingen door de burger zal moeten worden betaald.
Ik verheug er mij er op de komende vier jaar het door de VVD voorgestane, degelijke financiële beleid uit te kunnen voeren. Gegeven ons goede financiële uitgangspunt en de financiële kaders van het Coalitieaccoord, moeten we in staat zijn om het scheepje van de gemeente Renkum door de woelige, financiële baren te loodsen zonder onderweg op de rotsen te slaan.
Het onderdeel Financiën/Belastingen en Heffingen is een vertrouwd deel van mijn nieuwe portefeuille. Daarnaast heb ik een aantal nieuwe portefeuilles gekregen en is er wat verdwenen.
Allereerst heb ik de portefeuille Ruimtelijke Ordening moeten opgeven, maar blijf ik verantwoordelijk voor grondzaken, waardoor ik met name bij de gemeentelijke grondexploitaties betrokken blijf. Ook de portefeuille Economische Zaken is vertrouwd terrein, maar nu aangevuld met Toerisme en Recreatie. Dat is een logische aanvulling, gegeven het belang van toerisme en recreatie voor de bedrijvigheid in onze gemeente.
Volledig nieuw voor mij is de portefeuille Kunst en Cultuur. Hier spelen naast allerlei andere zaken, vooral twee grote kwesties. Allereerst het herstellen van de Concertzaal in de oude luister. De eerste fase, de technische renovatie van het gebouw, is reeds in gang gezet. In de tweede fase is vooral belangrijk het herstel van de Concertzaal als podium voor kunsten in onze gemeente. Een tweede belangrijke kwestie is te besluiten over een locatie voor een kunst en cultuurcentrum waarin ook het Museum Veluwezoom opgenomen wordt.
Een andere nieuwe portefeuille is die van Milieu en Duurzaamheid. Daarom ben ik ook blij met de constatering in de Inleiding van het Coalitieaccoord dat er de komende vier jaar de noodzaak is om in het beleid meer nadruk te leggen op duurzaamheid en dat dit vraagt om een verdere integratie van duurzaamheidsprincipes in vrijwel alle beleidsvelden.
Er liggen voor mij en voor de rest van het College de komende periode dus nog vele uitdagingen te wachten en te overwinnen. Met dit Coalitieaccoord ga ik er van uit dat dat ons ook gaat lukken. Op mij kunt U rekenen.
Erik Heinrich
1 maart 2010
In het dagblad "De Telegraaf" stond onlangs een artikel met als kop REGELZUCHT RAMP en als onderkop LEZERS WOEDEND OVER VERSTIKKENDE BUREAUCRATIE. Een begrijpelijke verzuchting gezien de voorbeelden die in het artikel werden gegeven.
Toch wordt er nationaal en in Renkum ingezet op vermindering regeldruk en worden ook resultaten geboekt.
In ons coalitieakkoord is vereenvoudiging van vergunningen en vermindering Administratieve Lasten voor het bedrijfsleven ook als speerpunt opgenomen. Daarnaast hebben we er op ingezet om te komen tot een vermindering van de administratieve lastendruk bij zowel burgers als het bedrijfsleven (vermindering bureaucratie).
De doelstelling was een reductie van 20% van de Renkumse regelgeving en een vermindering van de administratieve lasten in 2010. Vermindering van het aantal regelingen met 20% blijkt moeilijk of niet kwantificeerbaar. Wel is te melden dat in deze collegeperiode een substantiële reductie van het aantal gemeentelijke regelingen heeft plaatsgevonden. Op 15 terreinen zijn behoorlijke resultaten op het gebied van vermindering regelgeving en administratieve lasten gerealiseerd.
Voor wat betreft de vermindering van de regelgeving voor burgers is door ons aangesloten op de top 10 van knelpunten van het ministerie van Binnenlandse Zaken zoals deze het meest worden gevoeld door burgers. Daarvan zijn de meeste onderdelen de afgelopen vier jaar gerealiseerd en zijn anderen onderdeel van het lopende E-Renkum traject.
Hoewel bescheidenheid ons hier past gezien het feit dat nog niet iedereen in Nederland de verbeteringen ervaart (zie het hierboven geciteerde artikel) zijn we naar mijn mening op de goede weg. Dit laat overigens onverlet dat ook een nieuw College forse ambities op dit gebied zal moeten hebben.
Forse ambities blijven ook noodzakelijk op het terrein van de hoogte van de lokale lasten. Uit onderzoek van de Vereniging Eigen Huis en het Centrum voor onderzoek van de Economie van de Lagere overheden (COELO) blijkt dat de gemeente Renkum nog steeds hoge woonlasten kent. Het goede nieuws is evenwel dat volgens die onderzoeken in de periode 2007-2010 de lokale lasten voor een meerpersoonshuishouden in Renkum in totaal slechts met 2,85% zijn gestegen (tegenover stijgingen van 32,48% in Arnhem en 8,85% in Rheden).
Dat betekent dat ons beleid de afgelopen jaren er in ieder geval toe heeft geleid dat we relatief ten opzicht van de buurgemeenten in lokale lastendruk zijn gedaald. Dat betekent overigens niet dat we nu achterover kunnen leunen. Integendeel, naar mijn opvatting moeten we de komende jaren de lastendruk in reële termen niet laten stijgen. Ook bij druk op de begroting en noodzakelijke bezuinigingen moet het probleem niet via gemeentelijke belastingen op de burger worden afgewenteld.
Dit brengt mij op de bezuinigingen die de Rijksoverheid vanaf 2012 aan de gemeentes gaat opleggen. Hoewel de hoogte van de bedragen nog niet bekend zijn, gaan we er voor Renkum van uit dat het om EUR 3 tot 5 miljoen structureel zal gaan. Dat zal geen gemakkelijke opgave zijn. Een nieuwe coalitie zal dus zich dus geen nieuwe structurele uitgaven bovenop de bestaande budgetten kunnen permitteren. Integendeel er zal fors bezuinigd moeten worden. Om de onderhandelaars te ondersteunen zal binnenkort een ambtelijk stuk openbaar gemaakt worden waarin mogelijkheden zullen worden aangereikt om tot bezuinigingsscenario's te komen.
Om U enigszins een idee te geven hoe lastig die opgave zal blijken te zijn en dat een nieuw College moeilijke keuzes zal moeten maken, het volgende: De totale lasten in de begroting van de gemeente zijn ongeveer EUR 60 miljoen. Na aftrek van uitgaven die op korte termijn niet of nauwelijks te beïnvloeden zijn (b.v. doeluitkeringen van het Rijk, afschrijvings- en rentekosten etc.) blijft een "netto" begrotingstotaal over van ongeveer EUR 34 miljoen (waarvan ca. EUR 25 miljoen wettelijke taken en ca. EUR 9 miljoen niet-wettelijke taken). Daar zullen de bezuinigingen gevonden moeten worden.
Maar zoals ik vorige maand al schreef, Renkum heeft dankzij het gevoerde financiële beleid van de afgelopen jaren de financiën op orde en daardoor een goede uitgangspositie onder meer dankzij een forse verbetering van de gemeentelijke reserves in die afgelopen jaren.
En nog een goed bericht als uitsmijter van dit stukje: de prognose van het jaarrekeningresultaat 2009 is meer dan EUR 3 miljoen positief! Dat betekent wederom een versterking van onze financiële positie voor de komende jaren.
Erik Heinrich
6 Februari 2010
Met enige overdrijving zou men de openingszin "It was the best of times, it was the worst of times" van de roman A Tale of Two Cities van de grote negentiende eeuwse Engelse schrijver Charles Dickens van toepassing kunnen verklaren op de situatie met betrekking tot de Renkumse gemeentefinanciën.
"It was the best of times" omdat wij in november vorig jaar een meerjarenbegroting hebben gepresenteerd die sluitend is, waarbij in alle jaren sprake is van een begrotingsoverschot. Daarnaast konden wij zelfs de gemeentelijke lasten voor de inwoners structureel verlagen. Er zijn weinig gemeentes in Nederland die ons dit kunnen nazeggen.
"It was the worst of times" omdat de vooruitzichten ronduit slecht zijn. De Rijksoverheid heeft aangekondigd om vanaf 2012 de gemeentes fors te gaan korten op het Gemeentefonds. Hoewel nog niet zeker is wat de precieze financiële consequenties zullen zijn, zullen de gemeentes rekening moeten houden met 5 tot 10% minder inkomsten vanuit het Rijk. Dat zijn kortingen die zonder weerga zijn.
Wat betekent dit voor Renkum?
Allereerst moeten we constateren dat we een goede uitgangspositie hebben. Het feit dat we de komende jaren een structureel begrotingsoverschot hebben betekent dat we normale tegenvallers moeten kunnen opvangen binnen de begroting zonder onmiddellijk te hoeven te bezuinigen. Daarnaast is het weerstandsvermogen van de gemeente (in hoeverre kunnen we onverwachte, grote tegenvallers opvangen) prima dankzij een forse verbetering van de gemeentelijke reserves in de afgelopen jaren.
Tegelijkertijd moeten we ons realiseren dat 5 tot 10% minder inkomsten uit het Gemeentefonds iets van een geheel andere orde is. We zullen vanaf 2012 niet kunnen ontkomen aan drastische maatregelen. En om voor de jaren na 2012 nog steeds sluitende begrotingen te kunnen presenteren (een verplichting waarop de provincie streng toeziet) zullen we nu reeds maatregelen moeten gaan nemen. Reeds in de begroting voor 2011 zullen we maatregelen moeten aankondigen die vanaf 2012 effect zullen moeten gaan sorteren.
Het is nu nog niet precies te zeggen voor welke bedragen we bezuinigingsmaatregelen zullen moeten nemen, omdat we nog niet precies weten of de 5 tot 10% korting in één keer of geleidelijk zal worden opgelegd. Wat we wel zeker weten is dat niets doen en het probleem voor ons uitschuiven, een zeker recept voor grote problemen straks zal blijken te zijn.
De nieuwe coalitie die na de verkiezingen zal aantreden zal in het coalitieaccoord zeker met deze ontwikkelingen rekening moeten houden. Het zal een sober coalitieaccoord moeten worden en er zullen keuzes moeten worden gemaakt. Ondanks een goede uitgangspositie zal dat niet gemakkelijk, maar wel noodzakelijk zijn.
Overigens was het citaat in de aanhef van dit stukje slechts het beroemde eerste gedeelte uit de openingszin van A Tale of Two Cities. De volledige openingszin die in mijn Penguin uitgave negen regels beslaat gaat als volgt verder "it was the age of wisdom, it was the age of foolishness".
Met de VVD aan het roer weet U waar U aan toe bent en dat is niet "the age of foolishness". Dat hebben we de afgelopen vijf jaar wel bewezen.
Erik Heinrich
3 januari 2010
Voor liberalen is de staat in het economische leven primair de "marktmeester". De staat is er voor het scheppen van de voorwaarden voor economische groei. Het is ongewenst en een illusie dat de staat bepaalt welke kant het economische leven opgaat.
De staat heeft bovendien een slechte staat van dienst waar het gaat om sturing te geven aan de economie. Het verleden leert ons bijvoorbeeld dat industriebeleid middels het geven van steun aan bepaalde bedrijfstakken of zelfs individuele bedrijven veelal op een fiasco uitloopt.
Het is goed om hier nog even bij stil te staan, want juist in economisch slechte tijden is de roep om staatsingrijpen altijd het grootst. Steeds weer duikt de gedachte op dat de overheid bedrijfstakken en bedrijven die het moeilijk hebben moet ondersteunen met veelal als argument "behoud van werkgelegenheid". Liberalen weten echter dat de staat geen werkgelegenheid moet creëren, maar het scheppen van werkgelegenheid door het vrije ondernemerschap te bevorderen.
Vertaald naar de Renkumse situatie betekent dat dat de gemeente bijvoorbeeld voor het in moeilijkheden verkerende Norske Skog dus geen directe of indirecte financiële ondersteuning kan geven of zou moeten bepleiten bij andere overheden, maar wel kijken of de gemeente de voorwaarden kan bieden waardoor Norske Skog zich economisch kan blijven ontwikkelen. En dat is ook precies wat de gemeente doet, door op verzoek van Norske Skog de bereidheid uit te spreken vanuit de gemeentelijke verantwoordelijkheid voor de ruimtelijke ordening haar medewerking te verlenen aan een andere inrichting van het terrein, zodat noodzakelijke investeringen in het bedrijf kunnen plaatsvinden. En ook de bereidheid om bij de provincie te bepleiten dat hiervoor de noodzakelijke milieuvergunningen kunnen worden afgegeven. Met als doel een economisch florerend en financieel gezond bedrijf.
Een andere veelvoorkomende reactie in economisch slechte tijden is het pleidooi de lokale bedrijven te bevoordelen bij gemeentelijke aankopen of investeringen. Zouden alle gemeenten dit soort lokaal protectionisme gaan doen, dan kunnen Renkumse bedrijven ook geen opdrachten elders verwerven. Het zou de lokale economie alleen nog maar verder bergafwaarts brengen. Wat de gemeente wel kan doen en wat we feitelijk ook al doen is er voor zorgen dat bij aanbestedingen vanuit de gemeente altijd één of meerdere lokale bedrijven uitgenodigd worden een offerte te maken (er van uitgaande dat de Renkumse bedrijven de capaciteit en kwaliteit hebben die voor bepaalde klussen wordt gevraagd), zodat de kans op het binnenhalen van opdrachten voor lokale ondernemers toeneemt.
Zoals reeds gesteld is het volgens liberalen ongewenst dat de staat bepaalt welke kant het economische leven opgaat. Zo is het winkelen op zondag voor veel mensen inmiddels een gewone invulling van de vrije zondag. Ook hier past de staat terughoudendheid als het gaat om dit te willen verbieden. Binnenkort kunnen in Renkum twee supermarkten op zondag vanaf 16.00 uur worden opengesteld. De gemeenteraad heeft daar onlangs op voorstel van het College positief over besloten.
De VVD kan vanuit haar liberale visie dus een duidelijk beleid neerzetten waardoor het lokale bedrijfsleven de ruimte krijgt om ondernemerschap te tonen en zodoende blijvende werkgelegenheid te creëren voor Renkum en haar inwoners.
Ik wens U een voorspoedig 2010 toe.
Erik Heinrich
6 december 2009
De kranten staan vol met onheilspellende voorspellingen over de daling van het gemeentefonds de komende jaren. Toch heeft Renkum een goede uitgangspositie om deze financiële storm te weerstaan. We hebben immers het financiële huishoudboekje en ook het weerstandsvermogen van de gemeente op orde.
In de op 4 november door de Raad vastgestelde begroting 2010 is sprake van een sluitende (meerjaren)begroting met zelfs een overschot op het saldo van de meerjarenbegrotingen zonder extra ingrijpende bezuinigingsmaatregelen.
De VVD kan de verkiezingen dus met opgeheven hoofd ingaan en de kiezer wijzen op de resultaten van de afgelopen jaren. Een beleid dat het verdient om te worden voortgezet.
De behandeling van de begroting stond gedeeltelijk in het teken van het financiële zware weer dat de gemeente de komende jaren te wachten staat. Resultaat hiervan was een mede door de VVD ingediende motie die het College opdraagt om in mei 2010 de Raad een aantal scenario's voor te leggen hoe de daling uit het gemeentefonds kan worden opgevangen. Ik heb besloten die scenario's niet pas in mei, maar al in maart gereed te hebben zodat ze gebruikt kunnen worden bij de coalitieonderhandelingen en de formatiebesprekingen.
In de begroting was reeds sprake van een structurele daling van de gemeentelijke belastingdruk. Door een mede door de VVD ingediend amendement is die daling nog versterkt door de OZB met een lager inflatiepercentage te laten stijgen dan was voorzien.
Hiermee is tegelijkertijd een belangrijk aandachtspunt voor de komende jaren genoemd: de lokale belastingdruk. Ondanks het feit dat de afgelopen 5 jaar de lastendruk alleen voor de inflatie is gecorrigeerd (alleen de rioolheffing steeg meer vanwege het grote achterstallige onderhoud), blijft de lastendruk voor de burger in Renkum te hoog. Naar mijn mening moet een volgend College daar met name zijn aandacht op richten. Dat zal vanwege de daling van het gemeentefonds geen gemakkelijke opgave zijn, maar wel een noodzakelijke.
De VVD moet de kiezer duidelijkheid verschaffen dat de inzet voor de komende Collegeperiode een daling van de lastendruk is.
En als wethouder financiën durf ik de stelling wel te verdedigen dat op basis van de in de afgelopen jaren gelegde financiële basis in de gemeente het heel goed mogelijk is om ondanks de daling van het gemeentefonds de lastendruk te laten dalen bij een sluitende meerjarenbegroting.
Hoe noemden wij dat de afgelopen jaren ook al weer: een stormvast begrotingsbeleid!
Erik Heinrich
2 november 2009
In mijn stukje van juli keek ik terug op de Raadsvergadering van 24 juni waarin de Jaarrekening 2008 en de Kadernota aan de orde kwamen. In het onderdeel Algemene Beschouwingen over de Kadernota brachten de fracties toen hun standpunt over het voetlicht. De uitkomsten van deze vergadering leverden input voor het College om de Begroting 2010 te kunnen opstellen. Die begroting zal in de a.s. Raadsvergadering van 4 november aan de orde komen.
Het is de laatste begroting van dit College en mijn 6e Begroting sinds ik op 30 september 2004 de portefeuille Financiën kreeg. Het uitgangspunt van toen was en van vandaag is een stormvaste begroting. Maar in tegenstelling tot voorgaande jaren hebben we dit keer in de begroting geen extra buffer opgenomen om tegenvallers te kunnen opvangen. De reden hiervoor is dat we het financiële huishoudboekje van de gemeente inmiddels dusdanig op orde hebben dat een dergelijke buffer niet meer noodzakelijk is. Daarnaast is het weerstandsvermogen van de gemeente nu zodanig dat we prima in staat zijn om met de financiële gevolgen van risico's om te gaan.
Aangezien we nu zijn aangekomen in het laatste deel van de coalitieperiode zijn in de begroting geen extra financiële middelen opgenomen voor nieuw beleid of nieuwe activiteiten. Ook dwingt de economische situatie ons tot zuinigheid.
Doordat het Rijk de Algemene Uitkering aan de gemeentes flink naar beneden heeft bijgesteld, ligt er echter ook voor de gemeente Renkum een aantal moeilijke jaren in het verschiet. Er zijn echter in 2010 nog geen aanvullende nieuwe bezuinigingen noodzakelijk om een sluitende begroting aan de Raad te kunnen aanbieden. De reeds in de meerjarenbegroting opgenomen bezuinigingsmaatregelen vanuit de Begrotingsscan zullen uiteraard wel onverkort moeten worden uitgevoerd. En voor de begrotingen vanaf 2011 zijn reeds concrete taakstellingen in de meerjarenbegrotingen opgenomen.
Het resultaat van dit alles is dat er voor volgend jaar (2010) en voor de jaren daarna een stevig overschot op het saldo van de meerjarenbegrotingen is voorzien. We laten dus een gedegen financiële erfenis achter, die een volgend College een goede basis biedt voor de uitvoering van een nieuw coalitieprogramma.
Daarnaast hebben we in deze begroting een belangrijke stap gezet om de hoogte van de gemeentelijke belastingdruk naar beneden te brengen. Wij zijn ons er van bewust dat de economische crisis niet voorbij gaat aan de inwoners van Renkum. In de begroting is rekening gehouden met een inkoopvoordeel op de uitgaven voor de riolering en met een aantal incidentele en structurele meevallers voor de afvalinzameling. Daardoor kunnen de rioolrechten en de afvalstoffenheffing fors naar beneden worden bijgesteld en is er bij gelijkblijvende OZB (de OZB wordt alleen aan de inflatie aangepast) sprake van een daling van de lokale lastendruk.
Samenvattend: in de begroting 2010 is sprake van een sluitende (meerjaren)begroting. Er is zelfs een overschot op het saldo van de meerjarenbegrotingen zonder ingrijpende bezuinigingsmaatregelen met tegelijkertijd een structurele daling van de gemeentelijke belastingdruk.
Hoewel de voorspellingen voor de daling van het gemeentefonds de komende jaren onheilspellend zijn, heeft Renkum een goede uitgangspositie om deze financiële storm te weerstaan.
Erik Heinrich
P.S. De prognose van het jaarrekeningresultaat 2009 is bijna EUR 3 miljoen positief!
1 oktober 2009
Bij de behandeling van de Kadernota in de Raadsvergadering vergadering van 24 juni heeft de Raad het College door middel van een motie gevraagd uiterlijk in september een plan voor te leggen, waarin een pakket van maatregelen wordt gepresenteerd, waarvan het doel is de (locale) economie en werkgelegenheid - tegen de achtergrond van de huidige economische crisis - te stimuleren.
Dat voorstel "De recessie te lijf" is op 30 september in de Raad behandeld. In het voorstel zijn uitsluitend maatregelen zijn opgenomen die gericht zijn op het stimuleren van de Renkumse economie en het bieden van ondersteuning aan het lokale bedrijfsleven en geen algemene maatregelen gericht op het bieden van lastenverlichting voor de burger. Het ging in totaal om 27 punten, waarvan 14 algemene maatregelen gericht op de structuurversterking van de Renkumse economie en 13 concrete projecten die in 2009 en 2010 extra zouden kunnen worden uitgevoerd. Met dit pakket van maatregelen wordt beoogd de effecten van de mondiale crisis op lokaal niveau zoveel mogelijk te beperken.
De maatregelen waren o.a. snelle afhandeling van facturen, het snijden in overbodige regelgeving, het versnellen van bouwprojecten, het ondersteunen van startende ondernemers en het "in de markt zetten" van een aantal opdrachten, waarvoor lokale ondernemers in aanmerking kunnen komen.
Financieel gezien zijn er twee aspecten die in het kader van de economische recessie een rol spelen. Ten eerste investeringen met een structureel karakter welke een bijdrage leveren aan de versterking van de Renkumse economie. Dergelijke investeringen heb ik indachtig de opdracht zoals verwoord in de motie dat het pakket met maatregelen het streven naar een sluitende meerjarenbegroting niet mag frustreren, niet voorgesteld. Immers, gegeven het feit dat er in de meerjarenbegroting nog omvangrijke (nieuwe) bezuinigingsvoorstellen zullen moeten worden ingevuld, frustreert iedere structurele investering het streven naar een sluitende meerjarenbegroting.
Ten tweede zijn er de incidentele maatregelen (de concrete projecten) die worden voorgestelde om een positieve impuls te geven aan de lokale economie om zodoende de recessie te lijf te gaan. Hoewel een aantal concrete projecten gefinancierd zal kunnen worden met bestaande budgetten, zullen voor andere projecten incidenteel gelden op de begroting moeten worden vrijgemaakt.
Ik heb voorgesteld om de rente van de weerstandsreserve van dit jaar (EUR 340.000,-) in te zetten ter dekking van de voorgestelde concrete projecten en dienaangaande te besluiten tot het instellen van een Bestemmingsreserve "de recessie te lijf". Daarnaast zullen enkele budgetten uit de jaren 2011 en 2012 naar voren worden gehaald om zodoende bepaalde projecten reeds in het jaar 2010 te kunnen realiseren.
De Raad heeft op 30 september ingestemd met het voorstel en de daarin opgenomen maatregelen en projecten, met uitzondering van een viertal onderdelen. De Raad (inclusief de VVD-fractie) wilde op dit moment (nog) niet instemmen met
30 juni 2009
Op 24 juni vond de Raadsvergadering plaats waarin de Jaarrekening 2008 en de Kadernota aan de orde kwamen. Het was een lange vergadering van in totaal bijna 10 uur. Er werd door alle fracties stevig ingezet en ook onderling namen de fracties elkaar de maat.
Met name het onderdeel Algemene Beschouwingen over de Kadernota was voor veel fracties aanleiding om het eigen standpunt nog eens over het voetlicht te brengen. Namens het College mocht ik daar 's avonds op reageren. Omdat het hier onmogelijk is om op alle onderdelen van de inbreng van de Raadsfracties te reageren, beperk ik mij hier tot het weergeven van een aantal algemene opmerkingen die ik heb gemaakt.
Ik begon met de constatering dat bijna alle doelstellingen uit het Coalitieaccoord gehaald gaan worden. Dat daarnaast de taakstellingen vrijwel zijn gerealiseerd. In totaal zal deze Collegeperiode voor een bedrag van bijna EUR 4 miljoen zijn omgebogen en bijgesteld. Daarenboven is de Algemene Reserve sinds 2005 met ruim EUR 3,5 miljoen gestegen tot ca. EUR 17 miljoen.
Doordat het Rijk de Algemene Uitkering aan de gemeentes flink naar beneden heeft bijgesteld, liggen er echter ook voor de gemeente Renkum wel een aantal moeilijke jaren in het verschiet. Aanvullende nieuwe bezuinigingen zijn noodzakelijk om in november een sluitende Begroting 2010 aan de Raad te kunnen aanbieden. Wij zullen onder andere door het nemen van maatregelen vanuit de Begrotingsscan komen met voorstellen dienaangaande.
Een andere belangrijk punt was de discussie over de hoogte van de gemeentelijke belastingdruk. Het is bekend dat de hoogte van de belastingdruk per inwoner in Renkum tot de hoogste in de Provincie Gelderland behoort. Dat is niet iets om trots op te zijn. Anderzijds is dit mede het gevolg van het hoge voorzieningen niveau in deze gemeente.
Dit jaar (2009) is de OZB en de Afvalstoffenheffing gelijk aan dat van vorig jaar. Het College heeft al besloten om ook volgend jaar de Afvalstoffenheffing niet te verhogen. Vanuit de Raad werd de wens uitgesproken (o.a. door de VVD-fractie) om ook volgend jaar de OZB niet te verhogen. Hoewel dit aanzienlijke financiële consequenties heeft voor de gemeentelijke begroting, zullen we gaan bekijken in hoeverre er ruimte is om deze wens te realiseren. U moet daarbij overigens niet vergeten dat wij sinds 2005 de gemeentelijke belastingen alleen voor de inflatie hebben gecorrigeerd. Dit in tegenstelling tot voorgaande Colleges die nog al eens de belasting extra verhoogden om allerlei nieuw beleid te kunnen financieren.
Om de Raad te ondersteunen in het bepalen van de beleidsvrijheid die de Raad heeft in de keuzes om met bepaalde budgetten in te stemmen, hebben we afgesproken in september aan de Raad een stuk aan te bieden waarin wordt aangegeven welke budgetten een wettelijke verplichting zijn (d.w.z. voortvloeiende uit wetten, verordeningen en doeluitkeringen) en welke budgetten facultatief zijn, d.w.z. waar de gemeente zelf kan bepalen of ze voor dit doel geld beschikbaar wil stellen en eigen beleid kan voeren.
Het was al met al een roerige vergadering.
29 mei 2009
Zoals ik vorige maand reeds verklapt is het rekeningresultaat van de gemeente over het jaar 2008 positief. De jaarrekening is onlangs naar de Raad gestuurd en het definitieve resultaat is bijna 1 miljoen euro positief. Een mooi resultaat.
Voor het jaar 2009 verwacht ik overigens een vergelijkbaar positief rekeningresultaat, zoals ook in de Voorjaarsnota zal worden gemeld.
Dat betekent dat ik aan het einde van het jaar kan terugkijken op een periode van 5 jaar (2005-2009) waarin in alle jaren de jaarrekening positief is geëindigd, hetgeen heeft geleid tot een betere financiële reservepositie van de gemeente.
Echter donkere wolken pakken zich samen boven de gemeentes in Nederland en ook boven Renkum. Want vanaf 2010 zijn de gevolgen van de financiële crisis en de maatregelen die het Rijk hiervoor heeft genomen voelbaar doordat het Rijk de Algemene Uitkering aan de gemeentes heeft verlaagd. Voor Renkum betekent dat een daling van de Algemene Uitkering met ruim tweehonderdduizend euro in 2010 oplopend tot bijna zevenhonderdduizend euro in 2013. We zullen dus bij de Kadernota met aanvullende bezuinigingsvoorstellen komen voor de meerjarenbegroting vanaf 2010.
Deze bezuinigingsvoorstellen komen bovenop de bezuinigingsvoorstellen die gebaseerd zijn op de Begrotingsscan ten bedrage van achthonderdduizend euro.
Een eerste consequentie die het College getrokken heeft uit deze situatie is dat alle voorstellen voor nieuw beleid in 2010 waarvoor aanvullende budgetten nodig zouden zijn, zijn geschrapt. Maar ook dan blijft er nog een stevige bezuinigingsopgave over die de komende maanden in aanloop naar de Begroting 2010 in november, concreet zal moeten worden ingevuld.
Tot slot kan ik nog melden dat de gemeente een extra dividenduitkering van honderdveertigduizend euro heeft ontvangen van de Afvalcombinatie De Vallei. Dit bedrag zal in de Reserve Afvalstoffenheffing (het z.g. schommelfonds) worden gestort, hetgeen betekent dat we voor het jaar 2010 net als dit jaar in staat zijn om de afvalstoffenheffing gelijk te laten en niet te verhogen. Daarmee wordt het extra dividend aan de burgers van Renkum teruggegeven.
27 april 2009
Mei en juni worden voor Gemeenteraad en College een tweetal drukke maanden met tal van dossiers die nog moeten worden afgerond voor het zomerreces.
Vooral op het financiële vlak is er werk aan de winkel. Uiteraard is daar de afronding en vaststelling van de Jaarrekening 2008. Vooruitlopend op die definitieve vaststelling en de accountantscontrole, kan ik al wel verklappen dat we 2008 zullen afsluiten met een positief rekeningresultaat. Dat betekent dat ook in het jaar 2008 een stormvast financieel beleid is gevoerd.
Daarnaast zullen in juni de Voorjaarsnota (stand van zaken eerste drie maanden van 2009) en de Kadernota (voorstellen voor de meerjarenbegroting ter voorbereiding op de Begroting 2010) door de Gemeenteraad moeten worden vastgesteld.
Voorafgaande aan de Kadernota zal de Gemeenteraad eerst besluiten moeten nemen over de door het College geformuleerde voorstellen naar aanleiding van de Begrotingsscan. Een eerste discussie in de Commissoriale Raad van 15 april kon niet worden afgerond waardoor ik nog geen gelegenheid heb gehad namens het College op de reacties van de Gemeenteraad te reageren. Ik kan daar nu nog niet op vooruitlopen, maar het moet mij wel van het hart dat er door diverse fracties hier en daar nogal oppervlakkig is gelezen. Zo is er bijvoorbeeld geen sprake van dat het College nu zou voorstellen om de bibliotheek in Doorwerth te sluiten.
Ik ben blij dat het rapport dat in opdracht van de Gemeenteraad door het bureau De Visser en Geelkerken is geschreven en op 15 april is gepresenteerd, duidelijk vaststelt dat de financiële taakstellingen en bezuinigingen zoals deze door het College in de afgelopen jaren zijn opgevoerd voor het overgrote deel inderdaad ook allemaal zijn gerealiseerd.
We kunnen dus vaststellen dat er sinds 2004 feitelijk uitvoering is gegeven aan het door de VVD zo noodzakelijk geachte voorzichtige en gedegen financiële beleid, hetgeen heeft geleid tot stormvaste begrotingen en een verbetering van de financiële reserves van de gemeente.
29 maart 2009
De afgelopen maand is een aantal zaken afgerond waar het College al geruime tijd druk mee was.
Allereerst is er de afronding van de Structuurvisie. In het afgelopen jaar waren er vele bijeenkomsten in de dorpen ter voorbereiding op de Structuurvisie. Iedereen had ruim de gelegenheid om zijn/haar visie op de inhoud van de Structuurvisie naar voren te brengen. Het uiteindelijke resultaat is een gedegen ruimtelijke visie op het gehele grondgebied van de gemeente. Er zijn naar aanleiding van de reacties van de inwoners van Renkum op het concept zoals dat eind vorig jaar in Renkum en Oosterbeek werd gepresenteerd, nogal wat wijzigingen aangebracht. We hebben de inbreng van de inwoners zeer serieus genomen. Het is nu aan de Gemeenteraad om zich een oordeel te vellen over de Structuurvisie. De Gemeenteraad wil diegenen die een reactie op de Structuurvisie hebben opgestuurd in de gelegenheid stellen op een hoorzitting die reactie toe te lichten. De Raad zal dan in mei voor de eerste keer over de Structuurvisie praten. Vaststelling van de Structuurvisie is voorzien in de Raadsvergadering van mei of van juni.
Een tweede belangrijk stuk waarover het College onlangs een voorstel heeft gemaakt is de Begrotingsscan. Op basis van deze door het ministerie BZK en de provincie Gelderland uitgevoerde scan heeft het college een aantal voorstellen geformuleerd over de onderdelen waarin Renkum zich onderscheidt van de referentiegemeenten. Voorstellen die wat ons betreft zullen moeten leiden tot het terugbrengen van de uitgaven in Renkum tot een niveau meer in lijn met dat van de referentiegemeenten. De Collegevoorstellen bestrijken een breed terrein van het gemeentelijke beleid en kunnen soms ongemakkelijke oplossingen betekenen.
Tot slot een wat minder fundamentele beleidskwestie namelijk "de pandjes Weverstraat". Deze woningen, sinds enige jaren in eigendom van de gemeente, werden twee jaar geleden gekraakt en sindsdien als culturele huiskamer van Oosterbeek gebruikt. De gemeente had reeds in 2005 afspraken met woningbouwcorporatie Vivare gemaakt over de sloop en nieuwbouw van de panden. Zo'n twee maanden geleden hebben de krakers besloten te proberen de panden te gaan renoveren. Vivare gaf de ruimte om dit te onderzoeken. Op basis van een door de VVD-fractie ingediende motie besloot de Gemeenteraad het College de ruimte te geven om in overleg met krakers, buurtbewoners en Vivare de haalbaarheid van een dergelijk scenario te onderzoeken. Dat onderzoek is afgerond en het resultaat is dat Vivare de panden gaat renoveren en verhuren aan de Stichting Pro Arte, die op de begane grond allerlei culturele activiteiten wil gaan organiseren. Al met al een aanwinst voor de Weverstraat.
28 januari 2009
Het nieuwe jaar is inmiddels al weer enige weken oud, de feestdagen en de nieuwjaarsrecepties zijn achter de rug en het normale ritme is weer enigszins teruggekeerd. Tijd dus voor een nieuw stukje "Van de Wethouder" waarin nu op verzoek van de redactie maandelijks verslag zal worden gedaan van een aantal voor U als lezer interessante en wetenswaardige zaken op het terrein van mijn portefeuille.
Na de avonden in Renkum en Oosterbeek waar vorig jaar een conceptversie van de Structuurvisie werd gepresenteerd is hard gewerkt om de ruim 160 reacties te verwerken. Er zullen in de definitieve versie van de Structuurvisie die binnenkort aan de Raad zal worden aangeboden bepaalde ideeën en suggesties, die wel in het concept waren opgenomen, niet terugkeren. Ongetwijfeld tot tevredenheid van velen.
Een van de centrale punten uit de Structuurvisie zal zijn dat we de kwaliteit van de Renkumse leefomgeving in al zijn aspecten willen behouden en waar mogelijk willen versterken.Dat zal leiden tot bepaalde keuzes. Eén van deze keuzes is de acceptatie van het feit dat de gemeente de komende jaren zal blijven teruglopen in inwoneraantal. Gegeven de ruimtelijke beperkingen willen we niet inzetten op het realiseren van zó veel extra woningbouw dat we de teruggang volledig kunnen opvangen. Dit standpunt betekent slechts beperkte woningbouw op inbreidingslocaties of herstructureringslocaties.
Eén van de consequenties van dit standpunt is dat we in de Stadsregio zullen moeten gaan inzetten op een beperkte woningbouwopgave voor de gemeente eventueel zelfs met het loslaten van de 50/50 regel voor sociale en vrije sector woningbouw. Zou de gemeente dit willen realiseren, dan gaan we daarmee wel in tegen het uitgangspunt dat het bestuur van de Stadsregio tot inzet wil maken voor de periode 2010-2020. We zullen dus in overleg met de Gemeenteraad moeten kijken in hoeverre we dit standpunt kunnen realiseren en verwerken in de nog te maken verstedelijking- en woningbouwconcessieafspraken in Stadsregioverband.
Erik Heinrich